Algemeen

Vanaf nu op eigen benen

Dit bericht delen

PAS 25, lijsttrekker en los van papa Jean-Jacques De Gucht wordt groot Een slager die zijn pa opvolgt, wordt nooit een fils à papa genoemd. De zoon van een toppoliticus wel. Waarom? Op het carnaval van Aalst zal ik in ’t roze zijn, met veel glitter Ruzie? Neen, Fientje en ik gaan dat enorm goed doen, samen

 

Tot vervelens toe wordt hij de jonge blonde god van Open Vld genoemd. «Als u dat zegt, doet mij dat inderdaad niets meer. Penélope Cruz daarentegen, dié mag me dat nog wel eens influisteren.» Uitentreuren wordt hij de zoon van zijn vader genoemd, een fils à papa. «Tot op mijn sterfbed zal ik met hem vergeleken worden. Karel De Gucht is dan ook een enorm goeie politicus.» Telkens weer moet Jean-Jacques uitleggen waarom hij op zijn 25ste al de Oost-Vlaamse lijst mag, neen: moét trekken. Gesprek met een voil jeanet die je beter au sérieux neemt.

Lijsttrekker op uw 25ste, is dat geen vergiftigd geschenk?

«Da’s jong, dat klopt, maar ik heb bij wijze van spreken al twintig jaar ervaring met het liberalisme. Als klein manneke zat ik hier tijdens verkiezingscampagnes blauwe ballonnen op te blazen tot mijn kaken pijn deden. Ik was het jongste militantje van de VLD. Als men mij dan nu vraagt of ik de lijst wil trekken, dan voel ik me gevleid. En dan doé ik het, omdat ik vind dat Open Vld trots mag zijn op de voorbije vijf jaar. We hebben een blauwe stempel gedrukt op de Vlaamse regering. Denk aan de jobkorting van 300 euro. Dat maakt 600 euro voor een gezin van tweeverdieners. Voor veel mensen van mijn leeftijd is die 600 euro bijna een half maandloon extra. En nog belangrijker voor onze generatie: na tien jaar Dirk Van Mechelen op Begroting is Vlaanderen helemaal schuldenvrij.»

Des te pijnlijker voor uw generatie is het dat Open Vld in de federale regering lijdzaam toeziet hoe de begroting bloedrood kleurt: een tekort van 11 miljard euro in 2009, terwijl uw partijgenoten amper drie maanden geleden nog zwoeren dat ze zelfs niet het kleinste begrotingstekort zouden dulden.

«Ja, maar sindsdien heeft de crisis pas écht zwaar toegeslagen. Natuurlijk zijn wij geen fans van begrotingstekorten, maar tenzij je nu de belastingen drastisch zou verhogen – wat nonsens is – hou je dat gewoon niet tegen. Wat kan je dan doen? Zorgen dat de bedrijven extra zuurstof krijgen, bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat ze de betaling van hun bedrijfsvoorheffing één kwartaal kunnen uitstellen. Dat redt jobs.»

’t Is uw generatie die de tekorten zal betalen, straks, wanneer de vergrijzing toeslaat. Waarom slaan de twintigers van nu niet harder op tafel?

«Wij doén dat. Ik word er ambetant van als men doet alsof onze sociale zekerheid en onze gezondheidszorg verworvenheden zijn die nooit meer in gevaar zullen komen. Onzin. Als we die veilig willen stellen, zullen we elders moeten bezuinigen. Mij zal u ambtenaren nooit horen omschrijven als ambetantenaren, want mensen die er de kantjes aflopen heb je overal, ook in de privé. Maar we moeten ons afvragen of we de overheid niet efficiënter kunnen laten werken met minder volk. Maar dan nog zullen veel jongeren die nu 20, 25 of 30 zijn het moeilijk krijgen om ooit een eigen huis te verwerven en de levensstandaard van hun ouders te evenaren. Bon, dat is werk voor na 7 juni. Eerst ga ik keihard campagne voeren met Fientje. We gaan dat enorm goed doen, samen.»

U meent het.

«Natuurlijk meen ik het. We hebben een constructief gesprek gehad. Maar als je dat zegt als liberaal, lijkt niemand je te geloven.

(Lacht)

Wát, twee liberalen die het eens raken? Toch was het zo.»

Komaan, wekenlang zegt Moerman dat ze voor niemand zal wijken. En dan plots draait ze spontaan bij en neemt ze vrede met plaats twee. Hoeveel armen zijn hier omgewrongen?

«Geen. Met elkaar afdreigen had het niets te maken. Fientje, Filip Anthuenis en ik hebben beseft: als we met zijn drieën naar ledenverkiezingen gaan, moet de winnaar meer dan 50% halen. Daarvoor zou bijna zeker een tweede stemronde nodig zijn. Tja, dan is de kans groot dat je ruziënd naar 7 juni toegaat. In theorie klinkt dat mooi, dat voorbeeld van Barack Obama en Hillary Clinton die op een faire manier om de nominatie in hun partij strijden, maar in de praktijk zou dat bij ons zijn uitgedraaid op een confrontatie, vrees ik. Goed dat we die vermeden hebben.»

Is dat niet gênant, om al op uw 25ste zo gepusht te worden door Verhofstadt, De Croo en papa De Gucht? Meer establishment kan u op uw leeftijd niet zijn.

«Zo zie ik dat niet. Maar ik voel ook niet de neiging om de jonge rebel uit te hangen. Waarom zou ik me moeten afzetten tegen de grote liberale generatie waar u het over heeft? Op hun liberalisme wil ik verderbouwen.»

Het versterkt wel weer het beeld van u als fils à papa. Van de erfelijke democratie, zoals Fientje Moerman dat noemt.

«Dat vond ik een spijtige opmerking van haar. Kan ik het helpen dat mijn vader toppoliticus is en dat ik door dezelfde liberale microbe ben gebeten? Als je op je 23ste meteen 66.942 voorkeurstemmen haalt vanop de tiende plaats voor de Senaat, dan zou het verdomd arrogant zijn om te denken dat je die allemaal zelf verdiend hebt. Ik ben daar eerlijk in: ik heb die grotendeels behaald omdat ik De Gucht heet. Maar de bonus van die naam smelt weg. Vanaf nu moet ik het op eigen kracht doen. Ook letterlijk. Ik woon niet meer thuis in Berlare. Ik woon nu alleen, in Aalst, en ik trek mijn plan. Alleen de was en de strijk steek ik thuis nog binnen.»

In Oost-Vlaanderen is Open Vld een familiebedrijf. Jean-Jacques De Gucht, Filip Anthuenis, Egbert Lachaert, Alexander De Croo, Mathias De Clercq… Het wachten is alleen nog op Louis Verhofstadt.

«Of op Charlotte Verhofstadt. En dan? Als een zoon van een schilder of een beenhouwer zijn vader opvolgt in de zaak, is dat een kwaliteitsgarantie: tweede generatie, dus ’t zal wel in orde zijn. Van zo’n slagerszoon wordt nooit gezegd dat hij een fils à papa is. Van zonen van politici wel – waarom? Mijn pa is een enorm goeie politicus, maar moet ik daarom al mijn eigen dromen opbergen? Ik zal tot op mijn sterfbed met hem vergeleken worden, maar ik bén Karel De Gucht niet. Zoals Axel Merckx ook Eddy Merckx niet was, maar dat heeft hem niet belet om zelf ook coureur te worden.»

Meer stamboomliberaal dan u kan je niet zijn. Uw vriendin is Eva Vanhengel, de dochter van Brussels minister Guy Vanhengel, en u hebt elkaar leren kennen in de liberale studentenvereniging van de VUB.

«Net zoals mijn ouders elkaar hebben leren kennen in datzelfde LVSV. Da’s juist. Ook de ouders van mijn vader waren al overtuigde liberalen. En de vader van mijn moeder zat in de gemeenteraad van Berlare: ook een liberaal.»

Zou u kunnen samenleven met een vriendin die niet liberaal denkt?

«Neen. Dat ze niet liberaal stémt: tot daar aan toe. Maar ik zou mijn leven niet kunnen delen met een vrouw die niet akkoord gaat met – om het eens tsjeverig uit te drukken – de normen en waarden die wij als liberalen hanteren.»

Wat vindt uw vriendin daarvan, dat u op uw 25ste al meteen op het schild wordt gehesen?

«Ik heb niet de neiging om snel te gaan zweven, en Eva is minstens even nuchter. ’t Is ook geen cadeau. Het kan zijn dat ik op 7 juni de hemel word ingeprezen. Maar ’t kan ook zijn dat ik met de vinger word gewezen omdat ik het voor Open Vld helemaal om zeep heb geholpen.»

Luc Van der Kelen schreef onlangs: ‘Jean-Jacques heeft de naam, de looks, de basis en de werkkracht.’ Welke van die eigenschappen komt u straks het best van pas?

«Vorige keer: de naam. Nu: de werkkracht. Als partijsecretaris rijd ik duizenden kilometers per jaar, van afdeling naar afdeling, van Poperinge naar Antwerpen. De voorbije anderhalve maand heb ik bijna elke vrijdag-, zaterdag- en zondagavond twee, drie, soms vier nieuwjaarsrecepties afgewerkt.»

Wordt u dan in Poperinge aangeklampt door zo’n iets te zwaar geparfumeerde, lichtjes tipsy middenstandersvrouw van 61?

(Lacht)

«Ik nodig u uit om eens met mij mee te gaan. U onderschat schromelijk de graad van beschaving die elke Open Vld-receptie kenmerkt.»

Van der Kelen voegde eraan toe: ‘Als er één boven zijn vader kan uitgroeien, is het Jean-Jacques’.

«Dat zal de toekomst uitwijzen. Natuurlijk laat zoiets mij niet koud, maar ’t is gevaarlijk: anderen creëren verwachtingen die je zelf nog nauwelijks kan inlossen. Wie al op zijn 25ste bezig is met de vraag of hij minister of zelfs premier kan worden, die moet toch hopeloos gefrustreerd raken? Ik kijk niet verder dan de verkiezingen van 7 juni.»

En op 8 juni wordt u minister in de Vlaamse regering?

«Daar lig ik nu niet wakker van. Echt niet.»

Komaan. U klinkt als een renner die maandenlang toeleeft naar de Tour maar nog voor de start zegt: ‘Die gele trui, die interesseert me niet.’

«Toch wel. Maar mijn gele trui, dat is ervoor zorgen dat er straks zoveel mogelijk Oost-Vlaamse liberalen in het Vlaams parlement zetelen.»

Uw gele trui zou zijn: minister van Cultuur worden. Ook Freya Van den Bossche zegt openlijk dat ze daar goesting in heeft.

«Ik heb in zovéél dingen goesting. Cultuur boeit me gewoon. Bert Anciaux is erin geslaagd het budget te verdubbelen, maar met al dat geld heeft hij een beleid gevoerd waar geen visie achter stak. Vernieuwing, ja, dat was het ordewoord. Maar hoe beoordeel je dat? Vaak blijkt pas 30 jaar na datum wat echt vernieuwend is geweest. Daar kan je geen beleid op afstemmen.»

Uw dada is hedendaagse schilderkunst.

«Dat en fotografie, ja. Maar ik ben onlangs ook naar Wintervögelchen van Jan Decorte gaan kijken: schitterend theaterstuk, interessante man. Ook Jan Fabre en Jan De Kock boeien mij. Voor moderne schilderkunst heb ik altijd al een boon gehad. Dat gaat van de vroege Picasso – zijn roze en zijn blauwe, pre-kubistische periode – tot voorbij Mark Rothko. Toen ik als klein manneke in het Guggenheim van New York rondliep, voelde ik me als een kind in een snoepwinkel. Ik zei tegen mijn ouders: ‘Kijk hier, mama, papa, hier hangt iets wat we moeten kopen en meenemen naar huis.’ Dat was een doek van Rothko. Wist ik veel dat zoiets een fortuin kostte en dat een museum geen winkel was.»

Tijd voor volkscultuur. Gaat u als nieuwbakken Aalstenaar zondag naar het carnaval?

«Natuurlijk! Ik ben in Aalst naar school geweest en ik doe dat al tien jaar. Ik ga me ’s avonds verkleden, maar hoe dat er zal uitzien, dat laat ik over aan mijn vrienden. ’t Schijnt dat het dit jaar iets in ’t roze wordt, met veel glitter en boa’s.»

Een echte voil jeanet.

«Toch niet, want voil jeanetten dragen een pelsen frak en die ben ik op een nacht eens kwijtgeraakt – ik herinner me niet meer waar of wanneer precies.»

Zuipt u zich halfdood, tijdens zo’n carnaval?

«Neen. Ik drink graag een pint, en twee of vier of zes ook, maar mezelf helemaal lazarus zuipen, doe ik niet. ’t Zou als lijsttrekker ook niet de best mogelijke reclame zijn, vrees ik.»

Andere nieuwsberichten

Algemeen

Corona: overzicht steunmaatregelen voor zelfstandigen en ondernemers

Algemeen

Illegalen mogen toch vrijwilligerswerk doen