12 mei 2018

'Het is niet omdat iemand in een woonzorgcentrum verblijft, dat die zijn recht op een euthanasievraag verliest'

'Woonzorgcentra moeten in kwalitatieve levenseindezorg voorzien in ál zijn vormen', schrijven Jean-Jacques De Gucht en Freya Saeys (Open VLD). 'Ook voor een bewoner die om euthanasie verzoekt.'

Oud worden is op zich een vrolijke vaststelling. Al die jaren waren ons tenminste gegund. In voor- en tegenspoed. Dankzij de medische vooruitgang, worden we     ook steeds ouder en blijven we langer vitaal en mobiel. Toch duiken vroeg of laat de kleine of grotere kwaaltjes op. We worden vergeetachtiger, zien slechter en zoeken een ander tempo bij het trappen lopen. Tot er een dag komt dat het te moeilijk wordt, dat we verzorging en hulp nodig hebben. Onze grootouders gingen dan naar het rusthuis. Vandaag probeert men zo lang mogelijk in de eigen omgeving te blijven, maar dat is niet iedereen gegeven.

                "Het is niet omdat iemand in een woonzorgcentrum verblijft, dat die zijn recht op een euthanasievraag verliest"

Het organiseren van een permanente opvang met verzorging blijft gelukkig een wezenlijk kenmerk van onze verzorgingsstaat. Vandaag gebeurt dat in woonzorgcentra, moderne rusthuizen. Die worden in Vlaanderen erkend door Zorg en Gezondheid, een agentschap van de Vlaamse overheid. Zij moeten voldoen aan erkenningsvoorwaarden en worden geïnspecteerd. Een minder vrolijke vaststelling is dat die woonzorgcentra ook een terminus zijn voor de bewoners die er intrekken. Het is daarom voor die centra ook een wezenlijke taak om in kwalitatieve levenseindezorg te voorzien. In ál zijn vormen. Dus ook voor een bewoner die om een waardige zelfgekozen dood, om euthanasie verzoekt.

We vernamen deze week dat woonzorgcentrum Seniorie Ter Minne in Lebbeke pertinent euthanasievragen negeert. In 2016 werd de directie van een ander woonzorgcentrum te Diest veroordeeld. Het had een huisarts toegang geweigerd voor een afgesproken levensbeëindiging. De rechtbank oordeelde dat 'het rusthuis niet het recht had om de euthanasie te weigeren op basis van gewetensbezwaren'. Enkel een arts kan zich beroepen op een gewetensclausule.

Dit tart werkelijk elke verbeelding. Een woonzorgcentrum is een thuisvervangend milieu. Het is niet omdat een bewoner daar toevallig verblijft dat die zijn rechten verliest, zijn recht op een euthanasievraag, zijn recht op een arts die bereid is om daar desgevallend op in te gaan.

Toch is er tot vandaag geen expliciete wettelijke basis die het recht voor een bewoner op een euthanasievraag sluitend regelt. Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) buigt zich momenteel over nieuwe erkenningsnormen voor woonzorgcentra. Het woonzorgdecreet biedt een uitgelezen kans om de rechten van bewoners met een euthanasievraag te waarborgen. Dit kan door in de teksten uitdrukkelijk op te nemen dat woonzorgcentra zich niet kunnen verzetten tegen de uitvoering van een euthanasie binnen hun muren, dat er respect moet zijn voor de vrije keuzes en het zelfbeschikkingsrecht van de bewoners, dat morele belemmeringen enkel door een arts kunnen ingeroepen worden, dat een instelling niet kan tussenkomen in een arts-patiënt relatie en dat desgevallend een doorverwijzing naar een andere arts opgelegd wordt. 

Een decretale verduidelijking zou de rechtspositie van deze kwetsbare bewoners aanzienlijk versterken. Het is kwestie de moed te vergaren om deze kans vandaag te grijpen. We hopen dat de minister daartoe snel een initiatief onderneemt en het overleg met alle betrokken instanties opstart.

Bron: Knack 30/04/2018 

Reageer:
  1. Naam*
  2. E-mail*
  3. Bericht*